
1960
De sociale partners in de privé-gezondheidszorg baseren hun functieclassificatie in grote mate op die van de openbare sector. Daarvoor gebruikt men als criteria het diploma en/of de uitgeoefende functie. Door twee criteria te gebruiken voor de indeling, onstaat er steeds vaker discussie over de toekenning van het juiste barema. De indeling zegt weinig of niets over de inhoud van de functies. Met functieomschrijvingen als "klerk" en "eerstaanwezend opsteller" weerklinkt tot vandaag een erg ambtelijke visie op de gezondheidszorg.
1970
De zorgsector ondergaat een steeds verdergaande transformatie. Op technologisch en medisch vlak kent de sector een ware revolutie. Op organisatorisch vlak volgen de eerste voorzichtige stappen naar professionalisering. Er worden voor het eerst sociale verkiezingen georganiseerd, maar het sociaal overleg staat nog in zijn kinderschoenen. Door velen wordt de sector nog steeds eerder beschouwd als een aanhangsel van de economie, dan als een volwaardige economische activiteit op zich.
1980
De economische crisis laat zich voelen. Binnen de gezondheidszorg vertaalt de crisis zich in de besparingoperaties die worden opgelegd. Om het langdurige en dure verblijf van patiënten in ziekenhuizen te voorkomen, worden aangepaste zorgvoorzieningen opgericht. In de ouderenzorg worden voor de zwaar zorgbehoevende bejaarden RVT bedden erkend. In de geestelijke gezondheidszorg worden de eerste PVT diensten opgericht. Ook de sector van de thuisverpleging wordt steeds verder uitgebouwd. Gaandeweg groeien ook de verschillen in loon- en arbeidsvoorwaarden omdat de subsidiëring per sector wordt geregeld.
1989 & 1991
Ondanks de professionalisering van de zorg evolueren de loon- en arbeidsvoorwaarden slechts met mondjesmaat. De kloof met de evoluties binnen de andere sectoren creëert steeds meer ongenoegen. Uiteindelijk leidt dit tot een aantal protestacties, die bekend worden onder de noemer Witte Woede. In 1989 en 1991 worden met de overheid de eerste sociale akkoorden voor de zorgsector afgesloten. Naast een verbetering van de loonvoorwaarden wordt ook stapsgewijze voorzien in een ruimere personeelsomkadering. De uitvoering van deze akkoorden verloopt echter moeizaam. In het akkoord van 1991 wordt voor het eerst afgesproken om ook de functieclassificatie te herzien. In samenwerking met een universitaire onderzoeksgroep wordt een studie opgezet die moet leiden tot een analytische classificatie.
1997
In 1997 wordt een nieuw sociaal akkoord afgesloten. Dat legt de nadruk op de creatie van bijkomende jobs via het stelsel van de Sociale Maribel. Daarnaast beslissen de sociale partners om de loon- en arbeidsvoorwaarden binnen de gezondheidszorg gelijk te schakelen. Tot dan waren er namelijk aanzienlijke ongelijkheden. Een thuisverpleegkundige verdiende minder dan een collega in een ziekenhuis. In de ouderenzorg lagen naast de lonen ook de vergoedingen voor onregelmatig werk een stuk lager. Deze verschillen worden stap voor stap weggewerkt met de harmonisatie van alle barema’s. De onderliggende classificaties zijn echter tot op vandaag niet gelijkgeschakeld. Het onderzoeksproject dat eerder was opgezet, zal stranden binnen het paritair comité omdat de sociale partners onzeker zijn over de haalbaarheid van de implementatie van een nieuwe classificatie.
2000
Onder de paars-groene regering wordt voor het eerst aandacht gegeven aan de eindeloopbaanproblematiek. Daarnaast wordt ook beslist om opnieuw werk te maken van de functieclassificatie. Dit keer wordt het werk niet uitbesteed, maar beslissen de sociale partners van de privé gezondheidszorg om samen vorm te geven aan de opbouw van een analytische classificatie. Daartoe wordt in 2002 de vzw IF.IC opgericht. In eerste instantie wordt er gewerkt aan de creatie van een classificatiesysteem, dat voldoende aandacht geeft aan de specifieke kenmerken van de sector.
2002-2009
Stap voor stap wordt binnen IF.IC gewerkt aan de opbouw van een nieuwe classificatie. Nadat een classificatiemethodiek werd afgesproken, wordt gestart met de opmaak van beschrijvingen voor 150 kernfuncties. Deze functies worden stapsgewijze beschreven en ingeschaald. Daarna wordt de ontwerp classificatie uitgebreid getest op het werkveld. Aan de hand van de bemerkingen en problemen die tijdens de testfase worden vastgesteld, wordt de classificatie verder aangepast en ontwikkeld. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan de opmaak en inschaling van een 50-tal bijkomende beschrijvingen.
2010
Voor de eventuele implementatie van een nieuwe functieclassificatie is het wachten op het sociaal akkoord dat normaal gezien in 2010 wordt onderhandeld tussen de vakbonden, werkgeversorganisaties en de federale overheid. Om de impact en kostprijs van de implementatie correct te kunnen inschatten, voert IF.IC een ruim loononderzoek uit in samenwerking met tientallen zorginstellingen. De sociale partners van hun kant bouwen aan de ontwikkeling van een aangepast loonhuis, dat de classificatie moet vertalen in een aangepast verloningsbeleid.
RSS