Historiek

2015
Eind 2015 gaf de Minister van Volksgezondheid en Sociale Zaken het startschot voor de invoering van de analytische functieclassificatie in de federale non-profit sectoren (paritair comité 330). De invoering van de functieclassificatie wordt opgenomen in de begroting voor de gezondheidszorg. Concreet wordt vanaf 2017 een structureel budget voorzien van 50 miljoen euro om de analytische sectorale functieclassificatie in te voeren in de private federale sectoren.
Het budget van 50 miljoen euro wordt bovendien uitgebreid met een bijkomende maatregel die voortvloeit uit de integratie van premies voor bijzondere beroepstitels en bekwaamheden in een nieuw loonmodel.
Nu is het dus ook van belang dat de classificatie zelf verder ontwikkeld wordt. Zo komen er tientallen nieuwe functiebeschrijvingen bij en worden de bestaande functies opgefrist.

2012
Ook de Vlaamse VIA-sectoren en de restsectoren van PC 330 wensen een analytische functieclassificatie uit te bouwen voor hun sectoren. Hiervoor doen zij beroep op de expertise van if-ic.

2011
Om de eventuele implementatie van de nieuwe functieclassificatie goed voor te kunnen voorbereiden, begint if-ic met het uitvoeren van loonstudies en barema-analyses. Deze gegevens moeten de sociale partners helpen bij het ontwikkelen van een aangepast loonhuis.

2002 -2010
If-ic start aan z’n opdracht voor het uitbouwen van een analytische functieclassificatie voor de federale privé gezondheidssectoren van PC 330. Er wordt beslist om 150 kernfuncties te beschrijven, dit gebeurt volgens een afgesproken classificatiemethodiek. Nadat alle functies beschreven en ingeschaald zijn wordt de ontwerp classificatie uitgebreid getest op het werkveld. Aan de hand van de bemerkingen en problemen die tijdens de testfase worden vastgesteld, wordt de classificatie verder aangepast en ontwikkeld.

2000
In 2000 komt de functieclassificatie onder de aandacht van de paars-groene regering. Samen met de sociale partners van de privé gezondheidszorg wordt beslist om een analytische classificatie voor de sector uit te werken. Om die te ontwikkelen, wordt in 2002 de vzw if-ic opgericht. In eerste instantie wordt er gewerkt aan de creatie van een classificatiesysteem, dat voldoende aandacht geeft aan de specifieke kenmerken van de sector.

1997
In 1997 wordt een nieuw sociaal akkoord afgesloten. Dat legt de nadruk op de creatie van bijkomende jobs via het stelsel van de Sociale Maribel. Daarnaast beslissen de sociale partners om de loon- en arbeidsvoorwaarden binnen de gezondheidszorg gelijk te schakelen. Tot dan waren er aanzienlijke ongelijkheden. Een thuisverpleegkundige verdiende minder dan een collega in een ziekenhuis. In de ouderenzorg lagen naast de lonen ook de vergoedingen voor onregelmatig werk een stuk lager. Deze verschillen worden stap voor stap weggewerkt met de harmonisatie van alle barema’s. De onderliggende classificaties zijn echter tot op vandaag niet gelijkgeschakeld. Het onderzoeksproject dat eerder was opgezet, zal stranden binnen het paritair comité omdat de sociale partners onzeker zijn over de haalbaarheid van de implementatie van een nieuwe classificatie.

1989
Ondanks de professionalisering van de zorg evolueren de loon- en arbeidsvoorwaarden slechts met mondjesmaat. De kloof met de evoluties binnen de andere sectoren creëert steeds meer ongenoegen. Uiteindelijk leidt dit tot een aantal protestacties, die bekend worden onder de noemer Witte Woede. In 1989 en 1991 worden met de overheid de eerste sociale akkoorden voor de zorgsector afgesloten. Naast een verbetering van de loonvoorwaarden wordt ook voorzien in een ruimere personeelsomkadering. De uitvoering van deze akkoorden verloopt echter moeizaam. In het akkoord van 1991 wordt voor het eerst afgesproken om ook de functieclassificatie te herzien. In samenwerking met een universitaire onderzoeksgroep wordt een studie opgezet die moet leiden tot een analytische classificatie.

1980
De economische crisis laat zich voelen en brengt besparingoperaties met zich mee. Gaandeweg groeien de verschillen in loon- en arbeidsvoorwaarden omdat de subsidiëring per sector wordt geregeld.

1970
De zorgsector ondergaat een steeds verdergaande transformatie. Op technologisch en medisch vlak kent de sector een ware revolutie. Op organisatorisch vlak volgen de eerste voorzichtige stappen naar professionalisering. Er worden voor het eerst sociale verkiezingen georganiseerd, maar het sociaal overleg staat nog in zijn kinderschoenen.

1960
De sociale partners in de privé-gezondheidszorg baseren hun functieclassificatie in grote mate op die van de openbare sector. Daarvoor gebruikt men als criteria het diploma en/of de uitgeoefende functie. Door twee criteria te gebruiken voor de indeling, onstaat er steeds vaker discussie over de toekenning van het juiste barema.